Een samenwerking tussen plant en schimmel kan asbest in de bodem afbreken

Asbestvezel

Asbest gold lang als onafbreekbaar, maar het Nederlandse project Fiber2Fiber lijkt het giftige goedje te hebben gekraakt. Mooier nog: met de afgebroken stoffen is het mogelijk om een nieuw milieuvriendelijk product te maken.

Heb je weleens een eenzame boom op een rotsplateau zien staan? En vroeg je je af hoe hij daar kon leven? Voedingsstoffen uit een rotsbodem halen is lastig, maar niet onmogelijk. De boom krijgt daarbij hulp van schimmels, zogenaamde mycorrhiza, die complexe moleculaire structuren in de rots afbreken om de boom toch van voedings­stoffen te kunnen voorzien. In ruil voor zijn noeste arbeid krijgt de schimmel suikers. Want hé, voor wat hoort wat.

Planten en schimmels

Deze symbiose tussen planten en schim­mels zie je overal. ‘De draden in de grond die wij haarwortels noemen, zijn mycor­rhiza. In natuurlijke ecosystemen vind je ze bij vrijwel alle planten’, zegt Tom Bade, bedenker van het concept achter Fiber- 2Fiber. Dit samenwerkingsverband van Fiber2Fiber is een project
van Natural Soil Improvement, in samenwerking met NIOOKNAW, KIWA, Grondslag, Waterschap Drents Overijsselse
Delta en het Kenniscentrum Papier en Karton, onderzoekt met een subsidie uit het Europees Fonds voor de Regionale Ontwikkeling (EFRO) of de symbiose tussen schimmels en planten ook een ander nut kan dienen. Want als die symbiose een rots kan ‘breken’, waarom dan niet een onafbreekbaar geachte structuur als asbest?

Onschadelijk gemaakt

Bade heeft goed nieuws: dat kan. In de groeikamers van het ecologisch instituut NIOO-KNAW plantte Fiber2Fiber olifantgras in met asbest verontreinigde grond. Daar voegde het Brickz aan toe, een bodemver­beteraar op basis van bagger, met daarin mycorrhiza. ‘Voor asbest hebben wij daar een speciaal model van gemaakt’, legt Bade uit. ‘De schimmel scheidt aminozuren af om ijzer of magnesium uit de asbestvezels te trekken. Die geeft het aan het olifantgras.’ Dat deel van het onderzoek slaagde. Maar er bleef een belangrijke vraag over. ‘Is dat wat overblijft van het asbestvezel onscha­delijk? Inmiddels weten we dat dit zo is.’

Een prettige bijkomstigheid is dat het ge-bruikte olifantgras goede vezels oplevert om papier mee te maken. ‘Dat maakt dit project niet alleen wetenschappelijk interessant, maar ook commercieel. Daar komt bij dat asbest saneren nu erg kostbaar is. Deze methode is veel goedkoper.’

Het werkt, maar hoe?

Het Fiber2Fiber-project wordt naar alle waarschijnlijkheid verlengd. Enerzijds om de resultaten te testen, maar ook om andere grondvervuilers aan te pakken. PFAS bijvoorbeeld, een water- vet- en vuilafstotende laag die op allerlei produc­ten wordt aangebracht, van papier en cosmetica tot koekenpannen. ‘Daarvoor hebben we een schimmel nodig die geen taai asbestvezel afbreekt, maar de innige omarming tussen fluor en koolstof’, zegt Bade. ‘We zullen dus een nieuwe match moeten maken tussen plant en schimmel.’ En dat is nog niet zo eenvoudig. ‘We weten nu dat onze methode werkt, maar nog niet hoe. Hoe ontstaat die match? Was de af-braak van het asbestvezel toeval of een bewuste actie van de schimmel? Dat achterhalen wordt nu de uitdaging.’

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met het tijdschrift Quest.